Aristoteles geeft Alexander de Grote les, van Jabril ibn Bukhtishu

Aristoteles als onderwijsman

Door Bas Clercx

“Those who can do, those who can’t teach.” Ik denk dat deze uitspraak mijn lust om het onderwijs in te gaan tijdens mijn studietijd in de kiem gesmoord heeft, terwijl ik nu toch al bijna tien jaar met veel plezier voor de klas sta. Bovendien was het nog vreemd ook, omdat ik na een bezoek als basisschoolleerling aan de pabo in Breda een baan in het onderwijs wel zag zitten. Het zal me niks verbazen als deze quote, of in ieder geval dit sentiment, anderen ook uit de klas houdt of heeft gehouden. Aristoteles, en gelukkig ook veel anderen, denkt daar anders over.

Deze quote is bewust door iemand op papier gezet: George Bernard Shaw. Ik vind het een vrij kwaadaardige afrekening met het vakmanschap van de docent; en waarom bedenkt iemand zoiets? Omdat zijn schoolgaande leven niet zo leuk was? Gegeven is denk ik, dat voor de iedereen de puberteit niet zo leuk is; voor jezelf niet, en zeker niet voor de omstanders.

Het was in een artikel van de bekende onderwijskundige Lee Shulman (2013, p. 1), dat ik erachter kwam dat iemand deze sententia moedwillig vereeuwigd heeft: “I don’t know in what fit of pique George Bernard Shaw wrote that infamous aforism, words that have plagued members of the teaching profession for nearly a century.” Shulman is vooral bekend geworden door het munten van de term pedagogical content knowledge; grofweg de kennis die een docent heeft op de grens van zijn vakinhoudelijke kennis en de praktijk in de klas. Het is vergelijkbaar met vakdidactische kennis, maar omvat ook ervaringsdeskundigheid: ‘wat gebeurt er tijdens de interactie tussen de Metamorfosen van Ovidius en onze leerlingen?’

Shulman betoogt in zijn werk dat de kennis van docenten in de praktijk echt anders is dan alleen weten hoe je kennis moet uitzenden. Het verraste mij, en dat is iets wat me tijdens mijn onderzoek vaker overvalt, dat juist Aristoteles als voorbeeld wordt aangehaald als onderwijsman, ook voor hedendaags denken over onderwijs. Ik ben niet per se een Aristoteles-kenner, laat staan fanboy: de Ethica en Poetica behandel ik natuurlijk in de klas. Ik vertel mijn leerlingen dat ze inderdaad Aristoteles’ ideeën van het universum niet moeten meenemen naar natuurkunde en dat hij concludeerde op basis van het aantal tanden van zijn vrouw dat vrouwen in het algemeen geen verstandskiezen hadden.

Maar hoe past Aristoteles in dit verhaal? Shulman onderzoekt in het genoemde artikel het aanzien van de docent en met name wat voor type kennis de docent bezit. Hij laat zien dat middeleeuwse universiteiten op autoriteit van Aristoteles het kunnen doceren zien als vorm van ultieme beheersing van kennis: (school)meester Clercx en Clercx magister artium liggen om die reden niet ver uit elkaar. Aristoteles’ Metaphysica, behorend tot het kerncurriculum van universiteiten destijds, ligt onder andere aan deze gedachte ten grondslag. In dit werk hangt de antieke filosoof als het ware boven (meta-) de materiële wereld (de physica) om te verklaren wat de natuur is, wat kennis is en hoe we tot kennis komen (epistemologie). Daarin is Aristoteles ook geïnteresseerd in kennisoverdracht; onderwijs dus. Shulman haalt deze passage aan om te laten zien hoe we óók naar het onderwijs kunnen kijken. Aristoteles benoemt dat sommige mensen, zoals wij dat nu zouden zeggen in docentenlingo, weliswaar bekwaam zijn, maar onbewust, en dat werkelijke beheersing van een vak ook bewust is en op die manier overdraagbaar. Hij zegt in [981b]:

“Zodoende zijn meesterlijke vakmensen niet wijzer omdat ze alleen praktisch vaardig zijn, maar omdat ze rekenschap kunnen afleggen en omdat ze de onderliggende oorzaken kennen. Op de keper beschouwd is het onderscheid tussen een kenner en een kunner het kunnen onderwijzen (didaskein), en daarom menen we dat kunst en niet ervaring kennis is. Want kunstenaars kunnen onderwijzen en ervaringsdeskundigen niet.”

(Mijn vertaling is redelijk vrij, op basis van het tamelijk droge Grieks van Aristoteles. Recent heeft Ben Schomakers een veel geleerdere vertaling gemaakt)

Nu heb ik geleerd dat je Aristoteles niet zomaar moet aangrijpen als waar. Soms, echter, moet je de momenten koesteren dat Aristoteles aan jouw kant staat. Of je nou de filosoof wel of niet op een veilige afstand wil houden, blijft de boodschap op een ander vlak relevant. Docentenkennis is echt een vak apart. Zeker in tijden van enorme lerarentekorten moeten we blijven onderstrepen dat het docentschap niet alleen een roeping is, maar vooral ook een beroep met een eigen vakmanschap, waarin je kennis met de volgende generatie deelt. Als we niet kunnen onderkennen hoe belangrijk het opvoeden en opleiden van de volgende generatie is, zullen jongvolwassenen blijven denken dat onderwijs de laatste optie is. Laten we hen een beetje Aristoteles bijbrengen: zij die kunnen, geven les!

Shulman, L. S. (2013). Those Who Understand: Knowledge Growth in Teaching. The Journal of Education, 193(3), 1-11.



'Aristoteles als onderwijsman' has no comments

Geef als eerste commentaar hierop!

Wil je jouw gedachten delen?

Your email address will not be published.

Deze website is onderdeel van de Vereniging Classici Nederland en gerealiseerd door AdCon Online Marketing.