“Papier was toch wel een goede uitvinding”

Voor de zomervakantie goed en wel begon, gingen de middelbare scholen toch weer open. Dat laat voldoende tijd om de tussenstand op te maken van ruim drie maanden onderwijs op afstand. Hoe beviel dat afstandsonderwijs, wat hebben leraren, én leerlingen, er van geleerd?

Die vragen beantwoordt Cecile de Jong. Zij geeft sinds een jaar Latijn en Grieks op het Picasso Lyceum in Zoetermeer. Bewapend met goede moed en een tablet waarop ze digitaal haar aantekeningen bij een tekst kon delen sloeg zij zich met haar onder- en bovenbouwleerlingen door de periode van thuisonderwijs. Voor de grotere onderbouwgroepen betekende dat: uitleg met de webcam uit, en vragen stellen via de chatbox. Bij de kleinere bovenbouwgroepen was er toch ruimte om met elkaar in gesprek te gaan over klassieke teksten: Caesar, Vergilius. Zij deelt bevindingen en een prachtig opdracht gemaakt in het licht van het coronaonderwijs.

Een grote les uit al het digitale onderwijs: papier is helemaal geen gekke uitvinding. Vastbijten in een tekst lukt het beste op papier. Met een leraar voor je, die je ziet als je je hand op steekt; iemand die aan je kan zien dat je het nog niet helemaal begrijpt, of juist wel. Zowel leraren als leerlingen bleken daar toch het beste mee geholpen, zo werd als maar duidelijker tijdens het verstrijken van de lange corona-maanden.

Voor een groep leerlingen waren die maanden bijzonder lastig. Een groep leerlingen uit de derde klas wist al dat ze in de vierde klas geen Grieks meer zouden hebben. Motivatie in de laatste maanden was gewoonlijk al ver te zoeken, maar zeker nu lastig. De oplossing: de verbeeldende en prikkelende kracht van de klassieke geschiedenis en cultuur. Daar kwamen prachtige dingen uit voort.

Leerlingen kregen tegen het eind van het schooljaar een cultuur-historische opdracht mee over de Griekse Tragedies. De opdracht: bedenk nieuwe slotwoorden voor jouw tragedie, en geef de moderne lezer een boodschap mee die past bij de strekking van het verhaal.

Een van Cecile’s leerlingen koos Antigone van Sophokles. Daarin verbiedt de heerser Kreon om de vijandige Polyneikes te begraven. De tweelingbroer van Polyneikes, Eteokles, krijgt een staatsbegrafenis. Zus van de tweelingbroers, Antigone, kan het niet over haar hart verkrijgen Polyneikes te laten liggen, en begraaft hem. Zij vindt dat Kreon zijn boekje te buiten is gegaan door haar te verbieden haar broer te begraven, terwijl het haar recht was de doden te verzorgen. De leerling uit Gymnasium 3:

“De vertaling naar het hier en nu staat in het teken van COVID-19. Als ik de mens als hoofdrolspeler zie, dan kun je zeggen dat de mens haar macht over de aarde heeft misbruikt. In de gedachte van Aristoteles: de komst van Corona is de peripeteia [red. een ommekeer in levenswandel] . De anagnorisis [dramatisch besef van eerder gemaakte fouten] is het besef dat we anders met de aarde moeten omgaan. Ik zou dan het Koor op toneel het gedicht laten declameren dat ik heb geschreven:

Oorverdovende stilte
Overal lege straten
Witte wolken, blauwe lucht
Niemand om mee te praten 

Angst voor een ziekte
Zorgen over dood
Tekorten aan bescherming
Aan wc-papier en brood

De wereld is nu anders
De aarde, die lijkt blij
Eén ding is nu wel duidelijk
Het grootste virus….. dat zijn wij. “


'“Papier was toch wel een goede uitvinding”' has no comments

Be the first to comment this post!

Would you like to share your thoughts?

Your email address will not be published.

Deze website is onderdeel van de Vereniging Classici Nederland en gerealiseerd door X11 Creatie.